Deze tekst kunt u printen door op het print tekentje rechtsboven te klikken. Vanwege de opmaak kunt u vaak beter copy/paste doen. Lees dan wel de aanwijzing onderaan deze tekst.
In maart is de tekst uitgebreid met informatie over valse alarmen.
Een cursus marifoongebruik in 6 bladzijden:
- routinegesprekken
- noodgevallen aan boord eigen schip
- noodgevallen aan boord ander schip
- kanaalkeuze / hoog en laag vermogen
- EPIRB / SART
- Papierwerk / registratie / programmeren
- DSC oproepen
- Vals alarm?
| 1. Routinegesprekken | |||
| Luister altijd eerst of het kanaal vrij is voor je de zendknop indrukt! (PTT knop) Marifoon op laag vermogen |
|||
| Start met het uitspreken van de naam van degene die je oproept | Kleine Sluis IJmuiden of Zeilboot Aeolus of alle schepen of Nederlandse Kustwacht | ||
| Zeg vervolgens je eigen scheepsnaam | Hier rubberboot AquaPlanning (evt + roepnaam, bv PI6637) | ||
| Zeg nu wat je te zeggen hebt, zo duidelijk dat het bijna bot wordt | – Heeft u een ligplaats voor een 6 meter boot? – Verzoek brugopening – Zijn er bijzonderheden (bv bij havendienst of verkeersleiding) |
||
| Geef aan dat je klaar bent met zenden | Over (of uit na einde gesprek) Laat daarna de zendknop los. | ||
| Voorbeelden |
Kleine Sluis IJmuiden, hier rubberboot AquaPlanning, verzoek schutting naar de buitenkant, over. Nederlandse Kustwacht, hier zeiljacht Regatta voor routinegesprek, over Regatta, hier AquaPlanning, naar kanaal 77, over. Roep je iemand op die geen oproep verwacht? Zeg dan 2 tot 3 keer zijn / haar scheepsnaam en 2 tot 3 keer je eigen scheepsnaam. |
||
| Routineoproep naar onbekend schip | |||
| Omschrijf de andere boot: | Zeilboot / motorboot / visboot / containerschip | ||
| Omschrijf de lokatie | – nabij de Baloeran (naam van een boei) – of net buiten de havenhoofden van Scheveningen– of ten oosten van het ankergebied |
||
| Omschrijf de koers | Koersend oost / west / noord / zuid | ||
| Omschrijf jezelf | Hier zeilboot Aeolus aan uw bakboordsboeg | ||
| Meld wat je te melden hebt | – ontvangt u mij of – kanaal 77 of – wij liggen op aanvaringskoers – 0ver | ||
| Mistoproep naar onbekend schip of schepen (op laag vermogen en hijs je radarreflector) | |||
| Alle schepen, alle schepen, alle schepen, hier de eigen scheepsnaam nabij boei XX (of bij ankergebied YY / ondiepte ZZ of ander kaartmerk) liggen stil, zijn er schepen in de omgeving / zijn wij zichtbaar op de radar? Over. | |||
Wanneer sla je alarm?
Zodra je denkt dat het zou kunnen dat je misschien hulp nodig gaat hebben. Bij twijfel kun je je situatie altijd voorleggen aan de kustwacht met een routineoproep, dan zijn ze alvast op de hoogte.
| 2. Noodgeval aan boord eigen schip Distress = MAYDAY = alleen bij acuut noodgevaar voor je eigen schip, jezelf of je bemanning (acuut = alles tussen nu en een halfuur, op volle zee nog ruimer) |
|||||
| Op zee: kanaal 16 IJsselmeer, Waddenzee en Zeeuwse stromen: het ter plaatse geldende blokkanaal, 16 kan ook maar schepen in omgeving luisteren hier waarschijnlijk niet naar. Op binnenwater: blokkanaal van het vaarwater, meestal 10. Vlak bij sluis of brug? Gebruik kanaal van die sluis of brug. (De Kustwacht luistert op meerdere kanalen: Op het IJsselmeer wordt op 1, 10 en 16 geluisterd, bij Brandaris op 2 en 16, etc) |
|||||
| Op zee: druk op de DISTRESS knop, selecteer met de pijltjes je noodgeval, druk hierna minimaal 5 seconden op de DISTRESS knop. (soms moet ook op enter worden gedrukt: zie je handleiding) Hierdoor laat je een alarm afgaan op alle DSC marifoons in de omgeving. Deze functie bij voorkeur niet gebruiken op binnenwater. Tel tot tien en ga naar de volgende stap. |
|||||
| Druk de microfoonknop in (PTT knop) en spreek uit:MAYDAY, MAYDAY, MAYDAY hier de …................, …....................., …..................., roepnaam … … ….. MAYDAY roepnaam, Positie ….. Zeemijl (of km) ten Z / N / W/ N van …............ Aantal opvarenden is …..Wij ….................... (zinken, Man Over Boord, staan in brand, etc) Hebben hulp nodig (of sleepboot, helicopter, reddingsboot, berging oid), ons MMSI nummer is 234567890 OVER (en laat nu de microfoonknop los) |
|||||
| Vervolg 2: Noodgeval aan boord eigen schip Urgency: PAN PAN: je hebt een probleem, maar je hebt nog tijd om het op te lossen, of het is niet levensbedreigend. | |||||
| Op zee, IJsselmeer, Waddenzee en Zeeuwse stromen: kanaal 16, specifiek blokkanaal mag ook, dan weten schepen om je heen ook wat er mis is. Op binnenwater: blokkanaal van het vaarwater. (Op IJsselmeer wordt op 1, 10 en 16 geluisterd, bij Brandaris op 2 en 16, etc) |
|||||
| Op zee: druk op CALL, selecteer ALL SHIPS, selecteer URGENCY, selecteer kanaal 16, druk op enter. (mogelijk twee keer enter) | |||||
| Tel tot tien, en als 16 vrij is spreek je uit: | |||||
| Alle schepen, alle schepen, alle schepen, dit is …......................, …......................., …...................., roepnaam … … …......omschrijf situatie aan boord OVER en laat de microfoonknop (PTT) los. | |||||
| 3: noodgeval aan boord van een ander schip | ||
| Schrijf alle informatie die je ontvangt op! Luister minimaal 4 minuten of je het schip met de reddingsdiensten hoort praten (het kan zijn dat je het schip wel kunt horen, maar niet de reddingsdiensten!) Het schip in nood zendt zutomatisch om de vier minuten het Distress alarm opnieuw uit, alleen de Kustwacht kan dit alarm uitzetten. Hoor je dus het Distress alarm opnieuw, dan weet je dat de Kustwacht nog niet op de hoogte is. Na 4 minuten nog geen duidelijkheid of de kustwacht het weet? Verzend een mayday-relay. Kun je helpen: meld dit bij voorkeur aan de kustwacht, lukt dat niet, dan aan het schip in nood. Kun je niets? Meld dat dan niet! |
||
| Mayday Relay: luister éérst op 16 of dit noodgeval al bekend is! | MAYDAY RELAY, MAYDAY RELAY, MAYDAY RELAY hier de …......................, …........................., …......................., roepnaam … … …........Wij ontvingen een mayday van de …........ en herhaal alle info die je hebt ontvangen / hebt gezien. OVER Een Mayday Relay mag ook als de ander geen Mayday heeft kunnen verzenden. |
|
| 4. Kanaalkeuze | |
| Je bent verplicht uit te luisteren op het blokkanaal van je vaarwater. Op volle zee is dit 16, in de buurt van een verkeersbegeleidingssysteem gelden andere kanalen. Op binnenwater is het algemene kanaal 10. Maar omdat er zoveel binnenwateren zijn worden op sommige vaarwateren andere kanalen gebruikt zoals bijvoorbeeld op het Noordzeekanaal. Kanaalnummers vindt je op enkele waterkaarten, in de almanak en op www.varendoejesamen.nl Voor sociale gesprekken op zee: kanaal 6, 8, 72 of 77. Op binnenwater (en Waddenzee) kanaal 72 en 77. Bijvoorbeeld de aanloop van IJmuiden:
|
|
| Keuze hoog / laag vermogen | |
| Laag vermogen: heeft de voorkeur: (sluizen /bruggen / schepen in zicht) Hoog vermogen: bij nood / spoed / veiligheidsverkeer en als het moet. Krijg je op laag vermogen geen antwoord en is het schip buiten zicht: probeer het 1 of 2 keer op hoog-vermogen. Bedenk dat je antennehoogte belangrijker is dan je zendvermogen. |
|
| 5. EPIRB en SART : controleer de geprogrammeerde MMSI nummers, dit kan je leverancier voor je doen. | |
| EPIRB: Alleen voor DISTRESS situaties: dus met acuut levensgevaar voor jezelf, je schip of je bemanning. Alarmeert door het versturen van je MMSI naar een satelliet, schepen in de buurt zien dit dus niet, maar worden wel door de kustwacht op de hoogte gebracht. EPIRBs moeten een vrij zich op de lucht hebben, dus buiten je reddingsvlot. SART: Slaat direct alarm bij schepen in de buurt, bijvoorbeeld op hun radar of AIS systeem. (afhankelijk van type SART) Beperkt bereikt, mag al aan bij Urgency (PAN PAN). Hang de SART zo hoog mogelijk op, maar een RADAR SART niet tegelijk met een radarreflector. (AIS SART + radarreflector mag) |
|
| 6. papierwerk (zie ook: http://www.aquaplanning.org/index.php/agentschap-telcom.html) | |
|
Voor je mag zenden dient je marifoon geregistreerd te zijn. Een registratie kun je alleen aanvragen als je een bedieningscertificaat hebt zoals basiscertificaat, SRC, Marcom-A of B. - Marifoon basiscertificaat: geldig voor een binnenwatermarifoon, de distress knop doet het dus niet, mag ook op zee worden gebruikt. - Short Range Certificate (SRC) en Marcom-B: geldig voor binnen- en zeevaartmarifoon, distress knop mag het doen, EPIRB en SART mogen worden gebruikt. -Marcom-A: hoogste certificaat, ook geldig voor SSB / HF apparatuur. Als je ATIS én MMSI invoert moet je je marifoon vertellen of hij op binnenwater of op zee zit. Je ziet dit in het scherm van veel marifoons: CAN of ATI = ATIS aan, INT of SEA = MMSI aan. Op binnenwater moet je marifoon dus op CAN of ATI staan! Bij twijfel: vraag aan een brug of sluis of ze je ATIS code ontvangen. Meenemen aan boord: Registratie, bedieningscertificaat, wetgeving in almanak deel 1.
|
|
| Er zijn twee soorten registraties: persoonlijk en scheepsgebonden. Persoonlijk = portosec = portofoon voor gebruik op diverse schepen. Deze portofoon mag dan NIET worden gebruikt op een schip waar al een vaste marifoon op zit. Scheepsgebonden: alle apparatuur deelt dezelfde ATIS en MMSI codes. |
|
| Bij verkoop: oude eigenaar: zet registratie op overnemen, nieuwe eigenaar kan de registratie dan overnemen. Dit kan via de website www.agentschap-telecom.nl. Je kunt de registratie ook laten vervallen, maar dan moet alles opnieuw worden geprogrameerd. Je kunt alle roepnamen en MMSI nummers downloaden via de website van Agentschap Telecom. |
|
| 6. Programmeren | |
| ATIS / MMSI | Bij bijna alle marifoons met een distress knop kun je dit zelf:
|
| ATIS of MMSI activeren | Bij Standard-Horizon: druk TEGELIJK op 16 en CLR. Je ziet nu bovenin beeld ATI(S) veranderen in SEA (MMSI) of andersom. Bij oudere programma's: INT (MMSI) verandert in CAN (ATIS). Bij Navman / Northstar: druk op CALL (kort), selecteer DSC Setup, selecteer ATIS func, selecteer ON. Bij de nieuwere types zie je nu in het scherm ATIS staan. (of DSC) LET OP: bij vrijwel alle marifoons gaat DSC uit als je ATIS aanzet en andersom. Op binnenwater moet ATIS aanstaan (en is je DSC dus uit....) |
| 7 DSC oproepen | |
| routine |
|
| DISTRESS | Druk op de distress knop,selecteer aard noodgeval (soms moet je hiervoor op ENT drukken, en nog een keer na het selecteren)houd de distress knop vijf seconden ingedrukt. |
| URGENCY |
|
| 8 Valse alarmen voorkomen | |
| Voorkomen | Informeer je bemanning waar de apparaten voor dienen en hoe ze werken:
|
| Opheffen Vals alarm EPIRB |
Oudere EPIRB's zonder GPS: Tot 15 minuten na aanzetten = uitzetten en voor de zekerheid de Kustwacht oproepen en doorgeven dat het vals alarm was. Moderne EPIRB's met GPS: Binnen 1 minuut = uitzetten en voor de zekerheid de Kustwacht oproepen en doorgeven dat het vals alarm was. Alle EPIRB's na deze perioden: Laat hem aanstaan (dan kunnen ze je zo snel mogelijk vinden) en probeer in de tussentijd op alle mogelijke manieren de Kustwacht te bereiken. Pas als de Kustwacht het bevestigd mag je de EPIRB uitzetten. Zet je hem eerder uit? Dan moeten de hulpverleners naar je op zoek waardoor de kosten alleen maar verder oplopen. |
| Opheffen vals alarm DSC DISTRESS knop |
Zet je marifoon uit en direct weer aan. Dit heft de vier minuten alarm interval op. |
| Opheffen vals alarm SART |
Het bereik van een SART is vrijwel gelijk aan het bereik van je marifoon, zeker als je marifoon antenne hoger zit dan je SART antenne. Zet de SART zo snel mogelijk uit en ga naar kanaal 16, highpower: "alle schepen, alle schepen, alle schepen, dit is scheepsnaam, scheepsnaam, scheepsnaam, MMSI nummer 244123456, AIS/RADAR SART per ongeluk geactiveerd, negeer het SART alarm van MMSI nummer 244123456, uit." |
Deze tekst is geschreven door Geert-Jan Smolders, Short Range Certificate Assessor bij vaarschool AquaPlanning. Deze tekst is bedoeld als bijlage bij de Short Range Certificate (SRC) cursus.
Voor persoonlijk gebruik: knip en plak naar hartelust. Deze tekst mag verder wordt verspreid, bijvoorbeeld per email, blog of op uw website, indien er wordt verwezen naar www.aquaplanning.org
Het Short Range Certificate is een alternatief voor het basiscertificaat en Marcom-B. Het SRC richt zich op de watersport en kleine beroepsvaart en is na zelfstudie in één dag te behalen.
Kijk voor meer informatie op www.aquaplanning.org of bel met Geert-Jan op 024.78.51.520.




